9.7 Niet in de balans opgenomen activa en verplichtingen
Investeringsverplichtingen
| Huur | Koop | Totaal | |
|---|---|---|---|
| <= 1 jaar | 216.783 | 186 | 216.969 |
| 1-5 jaar | 98.094 | - | 98.094 |
| > 5 jaar | - | ||
| 314.877 | 186 | 315.063 |
Aansprakelijkheidsverplichting
De Woningstichting draagt hoofdelijke aansprakelijkheid voor samenwerkingsverbanden zonder specifieke rechtspersoonlijkheid, in de vorm van vennootschappen onder firma en als beherend vennoot in commanditaire vennootschappen. Daarnaast is de Woningstichting commanditair vennoot in commanditaire vennootschappen, waarbij de aansprakelijkheid is beperkt tot het bedrag in de vennootschapsovereenkomst.
Vergoeding bij vervreemding VOV
In 2025 zijn de terugkoopverplichtingen van 7 VOV-woningen (2024: 24) komen te vervallen vanwege het verstrijken van de 15-jaarstermijn. Naast deze terugkoopverplichting is er in de overeenkomst met de kopers ook een vergoeding bij vervreemding afgesproken voor het 16e tot en met het 30e jaar na aankoop van de VOV-woning, te ontvangen door de Woningstichting. Deze vergoeding is gelijk aan de koperskorting die aan de koper is verleend, vermeerderd met een indexering. In 2025 betrof dit recht 127 woningen (2024: 123). In 2025 heeft de Woningstichting 7 geïndexeerde kortingen terug ontvangen (2024: 7).
Onderhoud op contractbasis
Het jaarlijkse bedrag aan verplichtingen voor contracten met betrekking tot onderhoud bedraagt in totaal € 22,2 miljoen (2024: € 21,3 miljoen). De contracten hebben hoofdzakelijk een looptijd van 1 jaar en het onderhoud op contractbasis wordt in 2026 voortgezet. Dit type onderhoud is gericht op onder andere daken, CV’s en liften.
Erfpachtverplichting
Ten aanzien van onroerende zaken zijn er door Woningstichting Eigen Haard en haar deelnemingen erfpachtverplichtingen aangegaan met een variërende looptijd tot maximaal 75 jaar. De jaarlijkse canonverplichting die binnen 1 jaar vervalt is € 1,2 miljoen. De verplichting tussen 1 en 5 jaar bedraagt € 3,9 miljoen en tussen 5 en 10 jaar bedraagt € 4,7 miljoen. De erfpacht verplichtingen zijn gewaardeerd tegen het prijspeil 2025.
Huurverplichtingen
Het jaarlijks bedrag van met derden aangegane huurverplichtingen van onroerend goed bedraagt € 0,7 miljoen (2024: € 0,1 miljoen). De verplichting die binnen één jaar vervalt is € 0,1 miljoen en langer dan één jaar maar korter dan 5 jaar is € 0,6 miljoen.
Contractuele verplichtingen
Voor softwarelicenties, telefonie en printers zijn meerjarige contracten afgesloten. De aangegane verplichting bedraagt € 8,1 miljoen (2024: € 8,5 miljoen). De verplichting die binnen één jaar vervalt is € 4,0 miljoen (2024: € 4,8 miljoen), en langer dan één jaar, maar korter dan 5 jaar € 4,1 miljoen (2024: € 3,7 miljoen).
Obligo Waarborgfonds Sociale Woningbouw
Gebaseerd op artikel 18 van het Reglement van Deelneming van het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW) hebben toegelaten instellingen een obligoverplichting naar het WSW. De verplichting is voorwaardelijk. Dit obligo is opeisbaar indien het totale risicovermogen van het WSW onder het garantieniveau (0,65% van het geborgd schuldrestant) daalt.
De obligoverplichting bestaat uit het jaarlijks obligo en het gecommitteerd obligo.
De maximale netto omvang van het jaarlijks obligo is vastgesteld op 0,34% van het schuldrestant per 31 december van het laatst verstreken kalenderjaar. De jaarlijkse obligoheffing wordt verantwoord onder de rentelasten en soortgelijke kosten. De obligoheffing voor de woningstichting bedroeg in 2025 € 0,59 miljoen.
Wanneer het jaarlijks obligo onvoldoende is om het risicovermogen aan te vullen doet het WSW een beroep op het gecommitteerd obligo. Het gecommitteerd obligo stellen de deelnemers zeker door middel van een obligolening. De obligolening is een door het WSW geborgde variabele hoofdsomlening die deelnemer aangaat met een geldgever en waarvan na trekking de gelden rechtstreeks worden gestort op een daartoe aangewezen rekening van het WSW. De obligolening weegt voor de totale hoofdsom mee in de dekkingsratio en onderpandsratio van de deelnemer.
Jaarlijks stelt het WSW de omvang van het gecommitteerd obligo vast op basis van het schuldrestant per 31 december van het laatst verstreken kalenderjaar. Indien nodig verzoekt het WSW de deelnemer vervolgens om de hoogte van de obligolening hierop aan te passen.
Wanneer het WSW een beroep doet op het gecommitteerd obligo heeft de deelnemer - naast een trekking op de obligolening - de mogelijkheid om aan dit verzoek te voldoen door storting van liquide middelen dan wel een combinatie van beide.
In het vierde kwartaal van 2021 heeft de Woningstichting en alle andere deelnemers van het WSW een obligolening van € 45,4 miljoen afgesloten. Deze lening volgt uit de verplichting van artikel 10, lid 2 onder c van het Reglement van Deelneming van het WSW.
In het vierde kwartaal van 2025 heeft de Woningstichting op verzoek van het WSW de bij de BNG Bank N.V. afgesloten obligolening met een amenderingsovereenkomst verhoogd naar een bedrag van € 56,77 miljoen. Ultimo boekjaar is geen bedrag getrokken op deze lening.
Heffing voor saneringssteun
De Autoriteit Woningcorporaties heeft middels een besluit conform artikel 115 Btiv aan de corporatiesector een heffing voor saneringssteun opgelegd. Voor 2025 heeft de minister besloten geen saneringsheffing te incasseren, gelijk aan voorgaande jaren. Voor de jaren 2026-2030 zijn er momenteel geen indicaties die erop wijzen dat sprake zal zijn van een saneringsheffing.
Kredietfaciliteiten
De Woningstichting heeft aan meerdere deelnemingen kredietfaciliteiten toegezegd. Ultimo 2025 bedraagt de nog niet benutte kredietfaciliteit € 1,6 miljoen (2024: € 4,7 miljoen).
Bankgaranties
De Woningstichting is met de ING Bank een garantiefaciliteit overeengekomen voor een bedrag van € 4,5 miljoen (2024: € 4,5 miljoen) waarvoor de Woningstichting bankgaranties kan uitgeven aan derden.
Op basis van het bedrag aan daadwerkelijk uitgegeven garanties wordt er een jaarlijks marktconforme garantieprovisie in rekening gebracht. In totaal is uit de garantiefaciliteit per 31 december 2025 voor een bedrag aan € 1,6 miljoen (2024: € 1,6 miljoen ) aan garanties uitgegeven.
Er is onder andere in het kader van de realisatie van het project Breekoever aan de gemeente Landsmeer een bankgarantie verstrekt van € 1,4 miljoen. De overige bankgaranties ad € 0,2 miljoen hebben betrekking op diverse projecten.
Garantstelling
Er zijn geen lopende garantstellingen.
Claims
De stichting heeft een juridisch geschil met een (voormalige) leverancier ter zake onregelmatigheden over facturering en opdrachtverstrekking ten bedrage van afgerond € 950.000. De wederpartij daarentegen stelt zich op het standpunt aanspraak te maken op een bedrag van circa € 1.200.000, met daarbij aankondiging op mogelijk aanvullende claims over gevolgschade. De uitkomst van dit geschil is op balansdatum niet goed in te schatten.
Leaseverplichtingen
Er zijn langlopende onvoorwaardelijke verplichtingen aangegaan ter zake van operationele leasing. De verplichting die binnen een jaar vervalt is € 1,2 miljoen, en langer dan een jaar € 1,9 miljoen. Er is geen verplichting met een looptijd langer dan 5 jaar.
Eerste kooprecht en nabetalingsregeling Purmer C.V.
De Woningstichting heeft bij de verkoop van haar belang in de Purmer C.V. het eerste recht van koop afgedwongen van 25,5% van de totaal op de gronden van Purmer C.V. te ontwikkelen sociale huurwoningen.
De Woningstichting is bij de verkoop van haar belang in 2022 in de Purmer C.V. overeengekomen dat wanneer de grondbestemming na overdracht binnen 20 jaar wijzigt naar woningbouw, de koper een nabetaling verricht aan de Woningstichting van € 15 per vierkante meter. Ons aandeel in de grondpositie van de Purmer CV bedroeg zo’n 254.455 vierkante meter (25,5% van 99,8 ha) en kan, indien de grondbestemming binnen 20 jaar wijzigt, leiden tot een nabetaling van zo’n € 3.816.000. De nabetaling wordt op het moment dat dit plaatsvindt geïndexeerd op basis van de CPI.